Als je geluk hebt

 In WattCycling column

Soms, als je geluk hebt, lees, zie of hoor je iets wat je hoofd in beweging zet. Iets wat je moeiteloos vijf uur laat fietsen om er een uurtje van te kunnen genieten. Met een tamelijk saaie Giro waarin Tadej Pogcar de koning, keizer en admiraal uithangt met al vijf overwinningen in de achterzak van zijn roze snelpak ontstond voor mij de gelegenheid het koersdutje in te ruilen voor een rondje hardlopen. Wat vitamine D en botdichtheid bevorderende bewegingen zijn immers goed voor een wielrenner. Nu is een bestemming zelden een plek en eerder een nieuwe manier van naar dingen kijken, maar als lucky gozer vond ik beiden en werd ik via Ankeveen, Dublin, en Londen als een ontketende Pogacar weer terug geslingerd naar de Giro. Lees verder!

Wanneer je in het groene boekje het woord ontketend opzoekt kom je waarschijnlijk een foto tegen van Tadej Pogacar op de Passo di Foscagno. De cijfers op X-account ammattipyöräily bevestigen dat de Sloveen op 6,16 kilometer van de voorlaatste beklimming ten aanval trok en vervolgens dertien minuten en 7 seconden nodig had om de top te bereiken. Bij een gemiddeld stijgingspercentage van méér dan 6% toch goed voor een gemiddelde van 28,18 (!) kilometer per uur. Prins Pogi kon nog een ijsje bestellen, zijn ketting schoonmaken en de podiumceremonie afronden voordat directe belager Geraint Thomas met gemiddeld 23,95 kilometer per uur boven kwam aanzetten. Het algoritme van Strava wilde de bijna onmenselijke prestatie automatisch ‘flaggen’, maar enthousiaste fans en de nodige camera’s konden beamen dat dit een zuivere prestatie was van een ongekend vakman. Iets waar Giovambattista Iera van AC Bellaingeoise nog een puntje aan kan zuigen.

Nog geen half uur na deze straffe prestatie zat ik halverwege een rondje hardlopen op een bankje bij Ankeveen uit te hijgen. En niet zomaar een bankje. Zo een bankje op een plek waar ál je pogingen ergens aan te ontsnappen stranden, omdat je niets simpelweg niet anders kan dan daar zijn. Er gebeurt er heel weinig en daarmee heel veel tegelijk.  Ik hoef niet in de box of out of the box te denken en ook niet zoals gewoonlijk me af te vragen waar de box überhaupt vandaan komt, waarom die hier is en halverwege het vraagstuk afgeleid te raken door een eend. Het is een bankje waarop je niet hoeft te bedenken of je toe bent aan vakantie, een Strava detox of toch maar met een hond de bergen in rennen. Het bankje is gewoon een prima bankje. Uitkijkend over het water beland je in een soort semi-meditatieve staat wat volgens een mooi onderzoek dat gepubliceerd is in Nature magazine ook wel ‘drifting’ wordt genoemd. Een staat waarin je je wel verbonden voelt met de wereld om je heen, maar niet de behoefte of focus voelt iets te doen. Ik heb er enkele zomeravonden doorgebracht met iemand die ik gemakshalve de menselijke vorm van zonneschijn noem wat de plek nog net dat beetje extra magie geeft.

Na een goed kwartiertje mijmeren, op adem komen en genieten kwam er een man uit het water. Ik had even gemist waar hij vandaan kwam zwemmen, maar het aantal rimpels op zijn huid was groter dan het aantal op het water en het zou me niets verbazen als hij al 80 jaar kon zwemmen. Ik floot zachtjes mee met de hitjes van Tom Rosenthal, Florence & The Machine en Bakar die nog zachtjes door mijn Aeropex kwamen toen hij zijn zwembuoy al leeg duwende vroeg waar ik naar luisterde. Patrick, al mocht ik vrij snel Pat zeggen, had zelf jarenlang Uileann pipes gespeeld in een rondtrekkende Ierse band alvorens voor de rust en liefde neer te strijken in Hinderdam. Deze variant op de Schotse doedelzak behoort niet alleen tot een van de moeilijkste instrumenten om te leren spelen, maar ook door UNESCO is opgenomen op de lijst van Immaterieel Cultureel Erfgoed van de Mensheid. Dat ik dat toevallig wist, maakte dat Pat en ik sneller vrienden waren dan Pogi kon klimmen of ik kon rennen.

Een lang verhaal net iets korter bracht ons via wat omwegen bij Kingfisr, een Ierse nog relatief onbekende folk band in opkomst. Hij had ze net gezien met zijn vrouw in Londen en beweerde nog veel meer ‘onbekende’ pareltjes te kennen waar hij nu niet op kon komen. Deze man leek de Piet de Visser te zijn van een genre waarin ik nog niet helemaal thuis ben en hij wist de muziek dusdanig te beschrijven dat ik bij praktisch alles dacht ‘dit wil ik horen’. Nu begon ik het inmiddels fris te krijgen, moest ik nog avondeten, ging de wekker de volgende ochtend weer vroeg… dus ik besloot de keuze te maken die je moet maken op zo’n moment.. en nog geen uur later zat ik bij Pat en zijn hartverwarmende vrouw Linn aan tafel. Ik probeerde te beschrijven waarom ik mét Baaba Maal voor There Will be Time kies, maar zonder voor I Will Wait van Mumford & Sons, hij liet prachtige foto’s zien van The Dubliners live in 1984 en Linn zocht de DVD van The Big Easy Express terwijl we keihard meezongen met This Train is Bound for Glory van Edward Sharpe and the Magnetic Zeros. Ook zo’n pareltje dat eens in de zoveel jaren terugkomt en nooit aan charme lijkt in te boeten. Ik had simpelweg geen tijd om te denken aan morgen, aan droge kleren of aan ‘was ze maar hier’ omdat het moment en de beschrijvingen van Pat over de muziek de ene keer nog liefdevoller en poëtischer leek dan de andere keer en we elkaar naar een steeds hoger niveau van eigenheid en enthousiasme leken te brengen. Geen woord komt bij het onbeschrijfelijke wat gevoel en muziek (inmiddels bij Jon Batiste aanbeland) je soms kan geven, maar Pat kwam er meerdere malen wel angstvallig mooi dichtbij. Ik overweeg om voortaan voor de zekerheid pen en papier mee te nemen wanneer ik ga hardlopen. We sloten de avond af met een goed glas whisky alvorens Linn me een zwiep naar huis gaf. Ik vroeg haar in de auto wat Pat voor (werkend) bestaan heeft gehad dat hij de muziek zo mooi wist te grijpen en verwoorden en kreeg een antwoord voorgeschoteld welke ik niet had verwacht…

Ik weet ook niet wat ik wel had verwacht, maar visser in subtropische wateren was het in ieder geval niet. Vlak voor zijn pensioen werd hij gevraagd om in een vissersdorp in te vallen bij een lokaal bandje op de gitaar/banjo en daar heeft de liefde voor muziek grip op hem gekregen. Ze noemde het een overnight succes wat ruim 50 jaar nodig heeft gehad om te rijpen. Maar de Pat die ik had gezien/aangewakkerd die avond was haar Pat. De echte. Om met Miles Davis te spreken; ‘’Sometimes you have to play a long time to be able to play like yourself’’.

 Eenmaal thuis zocht ik naar fietsbruggetjes tussen de visserij, muziek en de Giro om deze column te vullen. Verder dan een paar woordgrappen die een gele kaart met een rood randje verdienen wist ik op dat moment niet te komen en besloot me klaar te maken voor de plek waar je volgens Joop de Tour de France wint. Al tandenpoetsend struikelde ik over een kleurrijk fietsshirt met Dino’s erop dat op de vloer van de badkamer lag te ‘luchten’ toen het me als een inslaande meteoriet overviel. Het was even zoeken tussen een stapel boeken verstopt in wat dozen maar nog ruikend naar de limoncello wat bij de laatste keer lezen over het boek is gegoten wist ik hem als een ervaren Pat er tussenuit te vissen. Een meesterwerk van Dino Buzzati. Dino wie? De man die in 1939 De woestijn van de Tartaren schreef, maar ook prachte korte verhalen, theaterstukken, poëzie, operalibretto’s en veel journalistiek werk. Hij was zijn leven lang in dienst van Corriere Della Sera, een klein dagblad waar hij oorlogscorrespondent en kunstcriticus was. Tot 1949…

Buzzati werd als compleet sportleek gevraagd verslag de te doen van de Giro d’Italia dat jaar. En gezien zijn beperkte tot niet bestaande kennis van de sport hoefde hij het accent niet zozeer te leggen op het verloop van de koers, maar op zaken die de ‘echte’ sportjournalist met een specifieke achtergrond over het hoofd zou zien. Het verslag van de 25 etappes zou pas in 1981 gebundeld worden, maar behoort wat mij betreft tot een van de mooiste sportboeken ooit uitgegeven. Het was een tamelijke saaie Giro zoals het ook dit jaar niet denderend is, maar tegelijkertijd ook een van de meest legendarische edities van de Italiaanse wielerronde. Deze editie was de beslissende krachtmeting waar leerling Fausto Coppi de meester Gino Bartali overklaste. De soms onnavolgbare verslagen van Dino Buzzati waarin hij gedurende de ruime drie weken steeds meer bewondering voor de renners ontwikkelde is werkelijk fascinerend om te lezen. Hij had vooral oog voor de knechten in de achterhoede die hun krachten zorgvuldig spaarden, de tienduizenden toeschouwers die in de meest onbewoonde streken opdoken, de schoonheid van het Italiaanse landschap, de ruwheid van de bergen, de stilte van de vele dorpjes die uit hun eindeloze slaap werden gehaald. Buzzati liet als een Italiaanse Theo Koomen zien dat wielrennen meer dan een sport is en liet de Giro leven als meer dan een wielerwedstrijd. Voor de grote massa, wielerfan of niet, was de koers een bron van hoop en vergetelheid zo bleek na de oorlog en Buzzati heeft dat als geen ander in woorden weten te vangen.

Eenmaal in de hangmat die zo nu en dan het bed vervangt, luisterend naar de regen en onweer, kon ik de grijns nauwelijks van mijn gezicht halen. Van die dinsdagavonden. Het is niet alleen handig, maar soms ook zo ontzettend fijn om afstand te nemen en dingen vanuit een ander perspectief te zien. Het ontsnappen aan de gedachtes, patronen en emoties die ons vangen en verblinden. Als je gezegend bent met meerdere opties, kies de optie waar je het meeste bang van wordt. Die keuze lijkt het meeste groei, perspectief en verrijking in zich te hebben. Doe wat je moet doen, maar hou ruimte voor andere dingen.  En wie weet, als je geluk hebt, lees, zie of hoor je iets wat je hoofd in beweging zet.

Geschreven door WattCycling trainer Boyd ‘El Tractor’ Welsink

Ook een onverwoestbare tractor kan wel eens sputteren

Komende week staan alle trainingen in het teken van de VO2 – Max. We gaan de vertrouwde langere blokjes inruilen voor een frisser perspectief. Eentje vol korte harde stukjes ruim boven het omslagpunt, afgewisseld met (relatieve) rust. We laten ons inspireren door Noren, Japanners en Duitsers in de verschillende trainingen met het idee om te groeien en beter te worden. Dus kom in beweging en zet naast je hoofd ook je lichaamin beweging en kom trainen!

Recent Posts