Column: De kracht van domheid

 In WattCycling column

Komende week staan de gevarieerde WattCycling trainingen in het kader van het vuurwerk dat de Zesdaagse van Rotterdam heet. Een spektakel waar ik sinds jaar en dag met veel plezier op de tribune zit. Renners van statuur, samenvloeiende geuren van kettingolie en broodjes bal en bovenal ongelofelijke stuurmanskunsten en snelheden, maken de Zesdaagse een wielerfestijn van de bovenste plank. U weet wel, die plank waar baanrenner Robert Förstemann niet bij kan. Snelheden tegen de 70 kilometer per uur, met een vast verzet, bij een cadans van 160 RPM zijn daar net zo gewoon als weer een overwinning van Mathieu van der Poel. Hoe zou hij eigenlijk uit de verf komen op de baan?

Aan de kerstbrunch tafel deel ik met gezonde spanning mede dat de Zesdaagse als een van de eerste uitjes op de agenda van 2020 staat. Al weet ik niet of dit het gewenste antwoord was op de vraag; “Wat zijn jouw plannen voor komend jaar?”. Enfin, na een korte toelichting, inclusief beeldende demonstratie van een sur place, hoor ik aan de andere kant van de tafel: “Domweg rondjes rijden, wat is daar nou leuk aan?”.

Gelukkig ben ik onderhand op een leeftijd dat dergelijke kreten niet meer leiden tot nodeloze onzekerheid of woede, maar als fervent liefhebber van het nodige heen en weer werk, of dat nu roeien, baanwielrennen, crossen, jeux-de-boulen, schaatsen of zwemmen is, volgde er wel lichtelijk gepieker. Ik heb beoefenaars van deze sporten altijd gezien als helden vol inzicht, moed, wilskracht en ambitie en nooit het domme ervan ingezien. Zit ik er dan helemaal naast? Is achter een bal aan rennen dan bijvoorbeeld ook dom? Tijd voor een analyse.

Domheid is geen gebrek aan kennis of intelligentie, maar eerder het handelen tegen beter weten in. Tenminste, dat maak ik mezelf graag wijs. In die zin kunnen domme mensen dus prima intelligent zijn. Intelligentie betekent oorspronkelijk niet veel meer dan het vermogen om te kunnen kiezen.

Gedreven door zelfbehoud heeft de mens de neiging om snel te kiezen en daarmee relaties te leggen tussen gebeurtenissen, zaken en veranderingen in de omgeving. Mensen kiezen niet alleen te snel, maar denken zelfs graag te snel, waardoor we verbanden leggen die er niet zijn. Zo heb ik ooit een weekend als een bezetene gedanst op een Afrikaans Festival in de Amsterdamse Bijlmer, waarop toevallig de Calvé pindakaas in de bonus kwam de week erop. Daar is het fout positieve-relatie idee ontstaan dat mijn schaamteloze billenschud kunsten een pindakaas aanbieding tot gevolg hebben. Een idee waarin ik helaas veelvuldig word teleurgesteld, gelukkig doet dansen weinig kwaad.

Is dat snelle kiezen dan erg? Als er een peloton aan wielrenners aankomt waarvan ik niet zeker weet of ze mij zien oversteken zet ik het bij twijfel toch liever op een rennen dan een boek erbij te pakken om te kijken wat het gezichtsveld van de mens gedurende inspanning is. Als nazaat van de hardste renner is de mens geneigd overal te veel in te zien en ten prooi te vallen aan selectieve waarneming, bij voorkeur het afwijkende te onthouden en zeker in onbekende situaties snel conclusies te trekken die in lijn zijn met wat we al weten en waarin we veilig zijn.

Kortom, in ons denken schuilt een zelf beschermend immuunsysteem dat werkt als een filter tegen nieuwigheid, variatie en overdonderende ervaringen. Wij zoeken bij voorkeur naar bewijzen die ons denken bevestigen en comfort bieden in de routines en balansmatige planningsdrang die we onszelf eigen hebben gemaakt. Nu lijkt het zo te zijn dat de meeste zaken die de moeite waard zijn om voor te leven, onbalans brengen. Of dat nu verliefdheid is, ongegeneerd dansen op een doordeweekse woensdag avond of met 70 per uur, op millimeters afstand van elkaar, over een baan van houten latjes razen in Rotterdam. Slim is het niet altijd. Misschien zelfs dom. Maar het zijn wel de dingen die ons over drempels heen helpen, waarvan we leren en we ze vaak nog jaren herinneren.

Die domheid is bijna functioneel noodzakelijk, omdat kennis het product is van een reeks min of meer mislukte pogingen obstakels te overwinnen die het denken eigen zijn.

Dan heb ik het niet over een ondoordacht gokje wagen met kans op mislukking, maar je welbewust in het zweet en de verzuring werken om de grenzen van je eigen kunnen op te zoeken. Je moet falen om de kennis te vergaren waarmee je je falen kunt herkennen. Kennis draait om herziening, vertraging, tegen jezelf indenken. Allemaal zaken die vaak het gevolg zijn van een relatief domme actie. Domheid zet veranderlijkheid centraal, en veranderlijkheid betekent de kans er beter van te worden. Dus is rondjes rijden op de wielerbaan dom? Ik hoop het. Dat zou het grootste nieuwjaarsgeschenk zijn wat we onszelf kunnen geven.

Geschreven door WattCycling trainer Boyd ‘El Tractor’ Welsink
Ook een onverwoestbare tractor kan wel eens sputteren

 

 

Wil je ook trainen bij WattCycling, maar nog geen lid? Volgende week organiseren we ook veel leuke trainingenDoe een introductietraining en ervaar ook de meerwaarde van de WattCycling trainingen!