Kantelpuntitis

 In WattCycling column

Het beslissende moment is aangebroken. We zitten in het uur van de waarheid. Het is drie voor twaalf. Het point of no return ligt binnen twee fietslengtes en daarmee bijna binnen handbereik. De vraag is nu, waarover gaat het precies? Overbevolking, de eikenprocessierups, de Euro, Covid-20, artificiële intelligentie, of toch de vraag of Alejandro Valverde er nog een jaar aan vast plakt? Het maakt eigenlijk niet uit. Telkens opnieuw hoor je dat zaken nu echt een definitief kantelpunt bereikt hebben. Staat het Zwitserse uurwerk van de mensheid eigenlijk ooit niét op vijf voor twaalf?

Wij doorgewinterde fietsfanaten geloven misschien niet meer in de Apocalyps, maar houden er wel een sterke fascinatie met kantelpunten, drempel(waardes), tikkende klokken en naderende ontknopingen op na. De Mei-maand-film-maand speelt hier aardig op in trouwens. Een modernere geëvolueerde variant van de ‘het einde is nabij’ overtuiging dragen we zodoende dagelijks met ons mee. De Britse schrijver Matt Ridley noemt deze aandoening ‘’Turning-point-itis’’. Het komt erop neer dat mensen gemakkelijk met de overtuiging leven dat het beslissende moment van de geschiedenis uitgerekend tijdens hun leven zal plaatsvinden. Dat precies onze tijd het scharnierpunt van de geschiedenis is, en dat wij op het moment van kantelen precies voor in het peloton zitten.

Een verleidelijke gedachte. Het probleem is alleen dat elke generatie dat over zichzelf denkt. De geschiedenis is een aaneenschakelingen van etappes vol kantel- en keerpunten en vermoedelijk zal dat in de toekomst ook zo zijn. Er is in die zin sprake van een continue reeks van kleine en grote kantelpunten die, als een snokkende Colombiaan, ons bestaan bepalen. We ontkomen er niet aan. Wie de volgende crisis wil doorstaan, de volgende pandemie wil overleven, wil blijven fietsen en leven in een chaotische wereld vol kantelpunten, doet er goed aan een zekere veerkracht of robuustheid op te bouwen. Dus niet alleen het leren omgaan met het (fiets)leven waarvan we de sterke meerderheid niet begrijpen of kunnen controleren, maar hier zelfs sterker uitkomen.

Een mooi streven, maar hoe? Hoe kunnen we omslagpunten en toeval niet uitsluiten en tevens zodanig meer openstaan voor het onverwachte en veranderlijke dat we er sterker uitkomen? Eigenlijk is de vraag, hoe worden we Hydra? De mythologische meerkoppige slang wil niets liever dan dat een van haar koppen wordt afgehakt. Want elke keer als zij een kop verliest, groeien er twee voor terug. De Hydra profiteert van de gebeurtenissen die schokken veroorzaken. Ze kan de klappen en schokken niet alleen doorstaan, maar wordt er zelfs beter en sterker van.

In zekere zin ‘bezit’ ieder van ons al het antwoord. Onze spieren, botten en immuunsysteem zijn namelijk al van op de hoogte van dit idee. Ze worden sterker door ‘schokken’ en belasting. Door training en variatie ontwikkelingen ze zich tot een steeds sterker complexer geheel. Voor een nog grondiger omvattender antwoord hoeven we ook niet lang na te denken, deze stamt namelijk uit 1859. Een theorie zo praktisch als duck tape, zo mooi als Puck Moonen en zo waar als een koe. Het leeft nog altijd voort onder de naam: de theorie van natuurlijke selectie van ene Darwin.

De theorie bevat hoofdzakelijk drie ingrediënten:

  1. Variatie: vanwege mutaties, geslachtelijke voortplanting en andere factoren hebben organismen eigenschappen die variëren; sommige fietsers gaan bijvoorbeeld harder dan anderen.
  2. Reproductie: veel van deze eigenschappen zijn erfelijk; het feit dat moeder hard kon fietsen vergroot de kans dat haar kinderen hetzelfde talent hebben.
  3. Selectie: naarmate een organisme zich beter aan zijn veranderlijke omgeving kan aanpassen, heeft het een grotere kans om te overleven in de levenskoers en voor nakomelingen te zorgen.

We zien dit ook mooi metaforisch terug in de vervaardiging van fietsframes. Frames en fietsen bouwen is lange tijd puur handwerk geweest met als gevolg dat iedere fiets unieke rijeigenschappen had en sommige net stijver waren of harder gingen dan anderen (variatie).

Vervolgens werden fietsen vervaardigd naar bestaande voorbeelden (reproductie), waarbij uiteraard de voorkeur ging naar fietsen die het stijfst dan wel meest comfortabel waren of het hardst gingen.

Op deze manier veranderde de vorm en geometrie van de frames geleidelijk, zonder dat er ooit sprake was van een vooropgezet plan of ontwerp. Nu zien we dat de Canyon Aeroad, Specialized Venge en BMC Time Machine allemaal eenzelfde geometrie hebben (selectie), totdat er zich weer een ‘kantelpunt’ voordoet die aanzet tot variatie.

Kortom, verandering is overal en van alle tijden. Dit zien we terug in allerlei facetten van het (fiets)leven. Van werk en relaties tot mobiele telefoons en fietsframes. In een wereld waarin op veel gebieden het toeval heerst – van de economie, via de koers, tot het weer – heeft het weinig zin te doen alsof we onvoorspelbaarheid met meer controle, grenzen definiëren en Excel sheets kunnen neutraliseren. Een proces van variatie, selectie en reproductie is altijd aanwezig en zorgt ervoor dat planten, dieren, fietsen, gebeurtenissen, keuzes, etc. blijven veranderen en in elkaar overlopen.

Bij WattCycling proberen we ons hier bewust van te zijn en ons iedere dag sterker en beter te maken. Het fietsbeest in ons kent steeds meer koppen. Voor komende week is het in ieder geval helder. De selectie is simpel; iedereen kan zich aanmelden. Dagelijks zal er een nieuwe en of verbeterde training worden ge(re)produceert. En het thema; variatie. Natuurlijk. Want variëren zal het blijven. Tot het uur van de waarheid.

Geschreven door WattCycling trainer Boyd ‘El Tractor’ Welsink
Ook een onverwoestbare tractor kan wel eens sputteren

Recent Posts