Het lijssie van Fabio

 In WattCycling column

Zonder al te veel na te denken vinden we het niet meer dan logisch dat wie talent heeft, dat ook ten volste moet benutten. Sterker nog, wanneer Patrick Roest zou stoppen met schaatsen om samen met rapper Donnie een vega kookshow te beginnen zouden we dat zelfs ‘zonde’ vinden. Wanneer er ook nog eens een goede kop en een sterke persoonlijkheid achter zit zijn we als succes liefhebbend volk klaar om een sporter te omarmen. Al deze voorwaarden lijken bij Fabio aanwezig: intelligent, toegewijd, leergierig, bescheiden enerzijds, maar met branie en bijna grenzeloos zelfvertrouwen anderzijds. En vooral het altijd maar beter willen worden. Iets wat nu wel heel letterlijk op het trainingsschema staat.

Op de vraag van Menno Haanstra of Fabio wel eens lijstjes of aantekeningen maakt om van te leren komt dit mooi naar voren. Beter willen worden lijkt voor een topsporter zo vanzelfsprekend, dat het overbodig lijkt het te benoemen. Bij Fabio werkt dat anders. Het benoemen en blijven benoemen van verbeterpunten, doelen, subdoelen, etc zit ingebakken. ‘’Ik luister veel podcasts, krijg van Lennart Hofstede boekentips over hoe je doelen kunt bereiken en maak van alles lijstjes. Bijvoorbeeld een lijstje met dingen die belangrijk zijn: jezelf kwetsbaar opstellen, dankbaar zijn, duidelijk zijn, en vriendelijk. Want duidelijk zijn is vriendelijk en onduidelijk zijn onvriendelijk.’’

Maar niet alles heeft een persoonlijke tint. Hij heeft ook een lijssie voor hoe een goed team te worden. Iets wat bij The Wolfpack van Quick-Step een groot deel van het succes lijkt te zijn. Een veilige omgeving met Patrick Lefevere als hoofd van de roedel in een verder vrij zelfregulerend geheel. Dit lijstje bevat: dicht bij elkaar zijn en hard werken, veel oogcontact, af en toe een fysieke aanraking, korte en bondige energieke woordenwisselingen, iedereen praat met iedereen, veel vragen en nog beter (actiever en intensiever) luisteren, humor, durven te lachen en kleine vriendelijke uitingen.

Allerlei termen die synoniem zijn aan het karakter van Fabio, maar desalniettemin een plek op zijn lijstje verdienen. Een goede daad verrichten die je gemakkelijk afgaat is immers makkelijk; de gewoonte ontwikkelen om dat consequent te doen is dat zeker niet.

Ga je hier nou echter harder van fietsen? Als je naar de fascinerende duels tussen Groenewegen en Jakobsen in de Ronde van Valencia van afgelopen februari kijkt zou je zeggen van wel. ’s Werelds beste sprinter versus eentje die vastbesloten is het te worden. Over meerdere etappes werden er fantastische duels uitgevochten met wederzijds respect en rivaliteit. Niets wees erop dat beide renners er enkele maanden later anders bij zouden zitten.

De onzekere koers waarin Fabio nu zijn race rijdt vraagt niet om positioneren in de lead-out trein, maar om stilliggen in bed. Geen sprint, maar waarschijnlijk een langdurig revalidatieproces. Terwijl zijn quadriceps langzaam uitdunnen van formaat heipaal naar de omvang van een stevige beukenboom, zal hij komende tijd vooral kracht in zijn kop nodig hebben. En dat is wel aan Jakobsen besteed.

In het trainingskamp van 2018 werd de sprinttrein van toenmalig kopman Elia Viviani getest. Jakobsen, een net nieuw ‘jongetje’ van 21 bij de ploeg, kreeg de opdracht in het wiel van Viviani te gaan zitten en te proberen er af en toe naast of erover te komen. Het werd het laatste. Keer op keer. Viviani werd op gang getrokken door Morkov in de sprint, waarna Sabatini Viviani moest lanceren. Die trein liep dus niet helemaal lekker, waardoor Jakobsen de gefrustreerde Viviani de suggestie deed de renners eens om te draaien. Achteraf zou Fabio hierover zeggen: ‘’Dat was misschien niet zo slim. Twee Italianen hè.’’ Onbeantwoorde excuus berichtjes tot gevolg, maar eerlijk is eerlijk, Sabatini was gewoon twee jaar niet goed en Jakobsen had een punt. Maar sprint punten tellen net iets anders…

Een van de belangrijkste punten bij sprinten is namelijk dat sprinten voor een heel groot gedeelte vertrouwen is. Op jezelf, op je eigen kunnen en op je lead-outs. De meeste sprinters sprinten niet graag op een training tegen elkaar. Want als je erop wordt gelegd, ga je direct twijfelen. Terwijl sprinten op een training iets heel anders is, dan in een wedstrijd na 200km koers. Wanneer je een sprint wint, besef je dat het een training is. Wanneer je een sprint verliest, gaat het aan je knagen. Je kunt dus alleen maar onnodig zelfvertrouwen verliezen. De meeste sprinters zijn mannetjes en proberen dit te vermijden. Maar Jakobsen dus niet. Hij wil leren. Hij wil meemaken. Hij wil Fabio zijn. Begin 2020 verwoorde Jakobsen zelf het ook nog treffend; ‘Mensen zijn altijd geneigd naar comfort te zoeken bij hun keuzes. Alleen, alles wat iets oplevert kost moeite. Mensen zeggen: zo ben ik nou eenmaal. Nee, je kiest ervoor om zo te zijn, omdat je je daar comfortabel bij voelt. Eigenlijk bepaal je zelf je identiteit.’ Een goede kop als je het mij vraagt.

Waar Jakobsen in 2018 nog een jongen was, is het nu een vent. Een rood, wit, blauw gestreept blok beton met de kracht van een beer, de bewegelijkheid van een impala en de kop van een wolf. Die laat zich echt niet gek maken door een dranghek. Zoals zijn begeleider bij Quick-Step Wilfried Peeters het ooit straf benoemde: ‘Kijk naar Fabio, hoe hij eruitziet. Heel struis gebouwd. Hij zal nooit de beste klimmer van de ploeg worden, maar hij weet wat hij moet doen om te overleven.’

Kracht hebben is een, kracht gebruiken is twee. Weten wanneer je krachten moet gebruiken is drie. Het is net als met zwijgen. Kunnen zwijgen is een, zwijgen is twee, en weten wanneer je moet zwijgen is drie. Fabio is nu gedwongen het zwijgen opgelegd. Maar ik kan me niet voorstellen dat Fabio ook niet ergens een lijstje heeft met als titel ‘’Hoe en wanneer krachten te gebruiken als het even tegen zit’’. Ik kan me niet anders voorstellen dan dat Fabio de juiste krachten weet aan te spreken om ook deze verandering in levenskoers te omarmen en als winnaar uit de strijd te komen. Of zoals Fabio het in juni 2018 zelf al zei: ‘Er zijn zo veel manieren om er te komen. Ik doe het ook maar op de mijne.’

Komende week staat bij WattCycling krachttraining op het lijssie. Bedenk zelf welke punten op jouw lijssie staan als het gaat om kracht. Dan gaan we deze komende week verder kweken, vormen en trainen op de Wattbike.

Geschreven door WattCycling trainer Boyd ‘El Tractor’ Welsink
Ook een onverwoestbare tractor kan wel eens sputteren

Recent Posts